Compensaties nieuwe zorgstelsel vaak onvoldoende
De compensaties in de sfeer van verlaging van de belasting en van toeslagen in verband
met de nieuwe zorgverzekering zijn veelal onvoldoende. Dat is zeker het geval wanneer de
prijsstijgingen in aanmerking worden genomen. We berekenen voor enkele inkomensgroepen de effecten.
Wij gaan uit van de maandelijks premie voor het basispakket plus een aanvullende verzekering van
101 bij een grote verzekeraar.
Een alleenstaande met uitsluitend AOW-pensioen ontving in december 2005 netto 834,78.
In januari 2006 ontving hij netto 881,08. Na aftrek van de vaste premie van 101 zakt het inkomen tot
780,08. Na de zorgtoeslag van 33 resteert een min van 21,70.
Een gehuwd/samenwonend stel met uitsluitend AOW-pensioen ontving in januari 2006 netto
1.209,94. Daarvan gaat tweemaal de premie van 101 aan de verzekeraar af.
Er resteert een bedrag van 1.007,94. Plus de zorgtoeslag van 93 is dat 1.100,94.
Een alleenstaande met een klein aanvullend pensioen van ruim 480 bovenop het AOW-pensioen, ontving in december 2005 netto
1.207.
In januari 2006 was het netto bedrag 1.263,29, maar na aftrek van de premie van
101 aan de verzekeraar, komt het netto bedrag uit op 1.162,29. Met de zorgtoeslag van
33 resteert nog steeds een min van 7,50.
De particulier verzekerde alleenstaande met een AOW- plus aanvullend pensioen van
1.559 (totaal een inkomen gelijk aan de maximum premiegrens), ontving in december 2005 netto
2.131,75. Na aftrek van de premie van 160 was dat 1.971,75.
In januari 2006 ontving hij netto 2.173,33. Na aftrek van de inkomensafhankelijke premie van
129,84 plus de nominale premie van 101, resteert netto 1.942, een min van
29,26.
Deze alleenstaande betaalde in december 2005 een gemiddelde maandelijkse premie van
160. In 2006 betaalt hij een totale premie van 230,84, 70,84 meer per maand.
Met de bijstandsuitkeringen is iets heel vreemds aan de hand. Volgens de verstrekte informatie ontvangt een bijstandsgerechtigde alleenstaande in 2006 een netto uitkering van
840,84, inclusief vakantiegeld, dus exclusief vakantiegeld 799,64. Daarvan worden echter nog afgetrokken de premie collectieve basisverzekering en een premie AV-Plus, zijnde in totaal
108,85. Er resteert netto dus geen 799,64, maar 690,79 per maand. Ook in december 2005 werd op deze wijze een te hoog bedrag als netto bedrag verkocht. Toen bedroeg het echte netto bedrag
716.
In januari 2006 was het netto bedrag 25,21 lager. Na de ontvangen zorgtoeslag van
33 is er een plusje van 7,79. Als onze man of vrouw nog een aanvullende verzekering afsluit, dan komt hij of zij zeker in de min.
Het is een rare gang van zaken: eerst de netto uitkering verlagen en vervolgens een zorgtoeslag toekennen onder het mom dat mensen via de zorgtoeslag worden gecompenseerd voor een te hoge ziektekostenpremie.
De werkelijke draagkrachtontwikkelingen zijn negatiever of minder gunstig dan deze cijfers doen vermoeden, aangezien de prijsstijgingen het beeld nog negatief beοnvloeden.
Werknemers betalen een inkomensafhankelijke bijdrage van 6,5% tot maximaal 1.951 (6,5 procent van
30.015, de premiegrens). De bijdrage wordt door de werkgever betaald, maar de werknemer moet daarover wθl belasting betalen.
Deze betaalt 34,15% over de bijdrage wanneer die in de eerste belastingschijf valt, 41,45% volgens de tweede belastingschijf, 42% volgens de derde belastingschijf en 52
% volgens de vierde belastingschijf.
Bij een inkomen van 15.000 per jaar, draagt de werknemer 333 aan de fiscus af (15.000 x 6,5% =
975 x 34,15% = 333).
Bij een inkomen van 30.000 per jaar moet de werknemer 808 van de bijdrage aan de fiscus afdragen (30.000 x 6,5% =
1950 x 41,45%).
De bijdrage bij een inkomen van 60.000 wordt met 52% belast: de werknemer draagt daarvan
1.014 aan de fiscus af (30.015 x 6,5% = 1951 x 52%).
In veel gevallen verspelen de werknemers de sectorale bijdrage in de ziektekosten. Dat kan aardig in de papieren lopen.
De Sociale Verzekeringsbank (SVB) zegt in haar AOW / Anw bulletin dat zij de inkomensafhankelijke bijdrage Zvw van 6,5% op het AOW-pensioen inhoudt, maar dat deze bijdrage in het AOW-bedrag is verwerkt. Dat klinkt mooi, maar de AOW-er gaat er per saldo wel met
21,70 op achteruit.
Voorts zijn er verzekeraars die over de inkomensafhankelijke bijdrage onjuiste informatie verstrekken. De maximale bijdrage is geen 4,4% over het hele maximum bijdrage-inkomen van
30.015, dus 1.320, maar 1.558. De bijdrage voor werkgevers en de bijdrage over het AOW-pensioen bedraagt namelijk 6,5% en slechts die over het aanvullend pensioen 4,4%.
Let op:
Samenwonende meerderjarige broers of zussen, kunnen ιιn broer of zus als toeslagpartner aanwijzen. De zorgtoeslagen zijn voor hen dan even hoog als voor mensen met een partner.
Naschrift:
Volgens het Centraal Planbureau stijgen het volgend jaar de nominale (vaste) premies met meer dan 10%. Voor de lage inkomensgroepen wordt dat via de zorgtoeslag slechts ten dele gecompenseerd. Tel uit je verlies.
|