Solidariteit en scheefgroei
In Trouw van 17 februari jl. wordt aandacht besteed aan het komende kabinet, dat wordt getypeerd als een gezinskabinet. Terecht, volgens Schnabel, directeur van het SCP. Immers de knelpunten liggen volgens hem bij de gezinnen. En als je aan de door hem gesignaleerde behoefte aan solidariteit en samenhang denkt, kom je vanzelf terecht bij gezin en jeugd, aldus zijn vlotte conclusie. Al deze uitspraken worden door Schnabel niet onderbouwd en tonen hooguit aan dat hij geen zicht heeft op de werkelijke staat van de diverse huishoudens in Nederland. Eigenlijk geen wonder, want voor hem telt alleen het gezin (inclusief het eenoudergezin). De eenpersoonshuis¬houdens houdt hij bewust buiten zijn gekokerde gezichtsveld, vanuit zijn onbewezen stelling dat zij 'geen hulp nodig hebben'. Hij zwijgt alleenstaanden dood, ze bestaan eenvoudigweg niet voor hem. En zo rechtvaardigt hij zijn simplistische conclusie dat solidariteit vanzelf uitkomt bij gezinnen en jeugd. Nu is solidariteit onmisbaar in een goed functionerende samenleving. Dat rechtvaardigt bijvoorbeeld de overheveling van inkomen van een goed bedeeld huishouden naar een ander, die dat ontbeert of bijzondere uitgaven heeft. Maar een rechtvaardige solidariteit betekent dat zo’n overheveling zich beperkt tot wat echt nodig is en dat deze niet mag worden misbruikt om bepaalde groepen te bevoordelen omdat zij toevallig in de meerderheid zijn. Voor degenen die de Nederlandse situatie niet door een gekleurde CDA-PvdA-bril bekijken, is het duidelijk dat de solidariteit in Nederland ernstig is scheef gegroeid. Enkele feiten uit een veelheid van scheefgroei:
- De hoogte van de zorgtoeslag bedraagt voor een alleenstaande slechts 1/3 van het bedrag dat gehuwden samen krijgen.
- Een alleenstaande ontvangt veel minder (inkomensafhankelijke) huurtoeslag dan iemand met een partner, doordat bij een alleenstaande een fictief bedrag bij het inkomen wordt geteld en bij een stel niet. Er wordt dus bij een alleenstaande net gedaan alsof zijn inkomen hoger is dan in werkelijkheid het geval is, waardoor de toeslag lager uitvalt. En dat terwijl een alleenstaande zijn relatief hoge vaste (woon)lasten uit één inkomen moet financieren, terwijl tweeverdieners voor de overeenkomstige vaste lasten een dubbel inkomen beschikbaar hebben.
- De inkomensafhankelijke premie, die een alleenstaande met bijvoorbeeld een inkomen van 30.000 euro moet betalen om kinderen 'gratis' mee te verzekeren bedraagt zo'n 1.800 euro. Een gehuwd stel dat samen 60.000 euro verdient, betaalt niet het dubbele, maar eveneens 1.800 euro. Een alleenstaande moet hier dus dubbel solidair zijn.
- Wanneer de partner van een werknemer ziek is, kan deze werknemer 10 dagen zorgverlof krijgen. Hieraan betalen alleenstaanden mee. Wanneer echter een goede vriend of vriendin van een alleenstaande ziek is, krijgt de alleenstaande werknemer geen zorgverlof.
- Alleenstaanden betalen o.a. via belastingheffing mee aan kinderopvang, kinderbijslag, kinderkorting en ziektekostenverzekering voor kinderen van rijke ouders, die dit gemakke¬lijk zelf kunnen betalen. Daarbij is extra nadelig dat alleenstaanden relatief veel belasting betalen omdat zij niet belastingbesparend kunnen schuiven met kosten en inkomens, zoals tweeverdieners dit wel lucratief kunnen.
- Een alleenstaande die in een AWBZ-inrichting belandt, moet na enige tijd maandelijks 1.770 euro betalen. Wanneer hij een partner zou hebben gehad zou dit slechts 136 euro tot 750 euro zijn geweest.
- Van de nalatenschap van een alleenstaande pikt de overheid al snel zo’n 41% tot 68% in, waarbij slechts de eerste 1.913 euro is vrijgesteld. De nalatenschap van iemand met een partner is allereerst vrijgesteld voor 515.928 euro (inderdaad, ruim een half miljoen!) en daarboven lopen de tarieven langzaam op tot maximaal 27%.
Merkwaardig dat Schnabel deze ernstige knelpunten, die het voeren van een eenpersoonshuishouden steeds meer bemoeilijken, niet heeft genoemd. Dat krijg je nu als je het gezin eenzijdig verheft tot de hoeksteen van de samenleving. Behalve dat het een scheef oordeel oplevert over de verhoudingen in Nederland, levert het ook tweespalt op in onze samenleving en verziekt het een goede samenhang, die zelfs Schnabel toch wel belangrijk vindt! Het wordt hoog tijd dat wordt erkend, dat alleenstaanden en hun eenpersoonshuishoudens een waardevolle plek toekomt in onze samenleving, in plaats van hen voortdurend te degraderen tot melkkoe van gezinnen. Iedere burger is een hoeksteen.
Drs. Kees van der Leer, econoom