Centrum Individu & Samenleving
informatie over de sociale en economische positie van singles
       

Stichting CISA
Postbus 97788
2509 GD Den Haag
070-328 40 88

Steun
CISA
Bent u voorstander van een samenleving met gelijke behandeling van alle burgers ongeacht de leefvorm? Bent u tegen discriminatie van individueel levenden zowel in financiële als sociale zin?

Steun dan CISA bij haar activiteiten en vul het formulier in.

Paul Schnabel:

Dé alleenstaande bestaat niet

Met die uitspraak redeneert, in weerwil van de zichtbare onjuistheid daarvan, directeur Paul Schnabel van het Centraal Cultureel Planbureau 2,5 miljoen alleenstaanden weg. In de bijlage 'De Verdieping' publiceerde het dagblad Trouw op 17 februari 2007 naar aanleiding van het regeerakkoord een interview met Paul Schnabel en Lenie de Zwaan. De directeur van het adviesbureau van de regering vindt dat alleenstaanden het helemaal niet moeilijk hebben.

Denk bijvoorbeeld maar aan de kleine categorie van psychiatrische patiënten die ook vaak alleen wonen, zegt hij. Zo interpreteert hij dus als 'wetenschapper' representativiteit. Het kleine groepje psychiatrische patiënten staan model voor de 2,5 miljoen alleenstaanden: de onzin ten top. Dit is slechts één van de onwetenschappelijke uitingen van de heer Schnabel. Wellicht wil hij zijn broodheer, de overheid, ontzien en horen wij hier 'his masters voice'. Ook de verschillende alleenstaanden die in het interview om commentaar werd gevraagd uitten stevige kritiek. Verder commentaar mijnerzijds is overbodig.

Onderstaande ingezonden brieven, die Trouw overigens niet heeft geplaatst, spreken voor zich. In de weergave van het interview werden Lenie de Zwaan woorden in de mond gelegd als zouden alleenstaanden meer doen "dan die goedverdienende tweeverdieners die alleen maar met zichzelf bezig zijn". Verder werden haar met feiten onderbouwde uitspraken niet opgenomen. De verdieping in het verhaal ging niet ver. Het was een zwak en onevenwichtig verhaal, zoals we dat niet gewend zijn van een kwaliteitskrant als Trouw.

 

Ingezonden brief 1:

In de 'Verdiepingsbijlage' van Trouw van 17 februari jl. las ik een artikel over het Gezinskabinet met als kop 'Dé alleenstaande bestaat niet'. In het desbetreffende artikel legde de interviewster, mijns inziens, de geïnterviewden (Lenie de Zwaan van Kenniscentrum CISA en Paul Schnabel van het SCP) allerlei tendentieuze uitspraken in de mond. Ik herken dit soort uitspraken namelijk niet uit eerdere interviews met betreffende personen. Onderhavige thematiek heeft al jarenlang mijn belangstelling. Zelf (al 30 jaar een lesbische relatie met dezelfde partner en een principieel tegenstander van het door de overheid geïnstitutionaliseerde huwelijk omdat het bepaalde categorieën bevoordeelt boven andere) ben ik een voorstander van het 'blokkendoosmodel' (ooit door het COC gepropageerd!). Bij het 'blokkendoosmodel' wordt door de overheid in wet- en regelgeving uitgegaan van individuen, ongeacht de leefvorm. Betreffende individuen kunnen dan zelf besluiten met wie hij of zij bepaalde regelingen wil treffen (denk aan erfenissen, zorgverlof enz. enz.) zonder dat de overheid dan alsnog ingrijpt en voor bepaalde categorieën de uiteindelijke effecten negatiever laat uitvallen dan voor andere categorieën. Zo'n individuele benadering doet meer recht aan het gelijkheidsbeginsel en non discriminatiebegin¬sel dan nu het geval is en zet ook de échte alleenstaande minder op achterstand in wettelijke, financiële en andere regelingen. In deze tijd van diversiteit aan leefvormen (bestaat hét gezin eigenlijk wel?) is andere wet en regelgeving op zijn plaats. Het Kenniscentrum CISA kan in het meedenken hierover een belangrijke rol blijven spelen.

Drs. M. de Neeve
Harmelen

 

Brief 2:

Solidariteit en scheefgroei

In Trouw van 17 februari jl. wordt aandacht besteed aan het komende kabinet, dat wordt getypeerd als een gezinskabinet. Terecht, volgens Schnabel, directeur van het SCP. Immers de knelpunten liggen volgens hem bij de gezinnen. En als je aan de door hem gesignaleerde behoefte aan solidariteit en samenhang denkt, kom je vanzelf terecht bij gezin en jeugd, aldus zijn vlotte conclusie. Al deze uitspraken worden door Schnabel niet onderbouwd en tonen hooguit aan dat hij geen zicht heeft op de werkelijke staat van de diverse huishoudens in Nederland. Eigenlijk geen wonder, want voor hem telt alleen het gezin (inclusief het eenoudergezin). De eenpersoonshuis¬houdens houdt hij bewust buiten zijn gekokerde gezichtsveld, vanuit zijn onbewezen stelling dat zij 'geen hulp nodig hebben'. Hij zwijgt alleenstaanden dood, ze bestaan eenvoudigweg niet voor hem. En zo rechtvaardigt hij zijn simplistische conclusie dat solidariteit vanzelf uitkomt bij gezinnen en jeugd. Nu is solidariteit onmisbaar in een goed functionerende samenleving. Dat rechtvaardigt bijvoorbeeld de overheveling van inkomen van een goed bedeeld huishouden naar een ander, die dat ontbeert of bijzondere uitgaven heeft. Maar een rechtvaardige solidariteit betekent dat zo’n overheveling zich beperkt tot wat echt nodig is en dat deze niet mag worden misbruikt om bepaalde groepen te bevoordelen omdat zij toevallig in de meerderheid zijn. Voor degenen die de Nederlandse situatie niet door een gekleurde CDA-PvdA-bril bekijken, is het duidelijk dat de solidariteit in Nederland ernstig is scheef gegroeid. Enkele feiten uit een veelheid van scheefgroei:

  1. De hoogte van de zorgtoeslag bedraagt voor een alleenstaande slechts 1/3 van het bedrag dat gehuwden samen krijgen.
  2. Een alleenstaande ontvangt veel minder (inkomensafhankelijke) huurtoeslag dan iemand met een partner, doordat bij een alleenstaande een fictief bedrag bij het inkomen wordt geteld en bij een stel niet. Er wordt dus bij een alleenstaande net gedaan alsof zijn inkomen hoger is dan in werkelijkheid het geval is, waardoor de toeslag lager uitvalt. En dat terwijl een alleenstaande zijn relatief hoge vaste (woon)lasten uit één inkomen moet financieren, terwijl tweeverdieners voor de overeenkomstige vaste lasten een dubbel inkomen beschikbaar hebben.
  3. De inkomensafhankelijke premie, die een alleenstaande met bijvoorbeeld een inkomen van 30.000 euro moet betalen om kinderen 'gratis' mee te verzekeren bedraagt zo'n 1.800 euro. Een gehuwd stel dat samen 60.000 euro verdient, betaalt niet het dubbele, maar eveneens 1.800 euro. Een alleenstaande moet hier dus dubbel solidair zijn.
  4. Wanneer de partner van een werknemer ziek is, kan deze werknemer 10 dagen zorgverlof krijgen. Hieraan betalen alleenstaanden mee. Wanneer echter een goede vriend of vriendin van een alleenstaande ziek is, krijgt de alleenstaande werknemer geen zorgverlof.
  5. Alleenstaanden betalen o.a. via belastingheffing mee aan kinderopvang, kinderbijslag, kinderkorting en ziektekostenverzekering voor kinderen van rijke ouders, die dit gemakke¬lijk zelf kunnen betalen. Daarbij is extra nadelig dat alleenstaanden relatief veel belasting betalen omdat zij niet belastingbesparend kunnen schuiven met kosten en inkomens, zoals tweeverdieners dit wel lucratief kunnen.
  6. Een alleenstaande die in een AWBZ-inrichting belandt, moet na enige tijd maandelijks 1.770 euro betalen. Wanneer hij een partner zou hebben gehad zou dit slechts 136 euro tot 750 euro zijn geweest.
  7. Van de nalatenschap van een alleenstaande pikt de overheid al snel zo’n 41% tot 68% in, waarbij slechts de eerste 1.913 euro is vrijgesteld. De nalatenschap van iemand met een partner is allereerst vrijgesteld voor 515.928 euro (inderdaad, ruim een half miljoen!) en daarboven lopen de tarieven langzaam op tot maximaal 27%.

 Merkwaardig dat Schnabel deze ernstige knelpunten, die het voeren van een eenpersoonshuishouden steeds meer bemoeilijken, niet heeft genoemd. Dat krijg je nu als je het gezin eenzijdig verheft tot de hoeksteen van de samenleving. Behalve dat het een scheef oordeel oplevert over de verhoudingen in Nederland, levert het ook tweespalt op in onze samenleving en verziekt het een goede samenhang, die zelfs Schnabel toch wel belangrijk vindt! Het wordt hoog tijd dat wordt erkend, dat alleenstaanden en hun eenpersoonshuishoudens een waardevolle plek toekomt in onze samenleving, in plaats van hen voortdurend te degraderen tot melkkoe van gezinnen. Iedere burger is een hoeksteen.

Drs. Kees van der Leer, econoom
Voorburg

 

Geachte redactie,

Met verbazing heb ik het artikel 'Díe alleenstaande bestaat niet' in het dagblad Trouw van 17-02-2007 gelezen. Inderdaad de samenstelling van de groep van twee en een halfmiljoen alleenstaanden in Nederland is niet homogeen. De gemeenschappelijke factor is dat deze mensen alleen wonen. In deze gedachte kan ik meegaan. “Het gezin bestaat niet” is naar mijn mening even waar. Bij gezinnen houdt de gemeenschappelijke factor in dat er kinderen aanwezig zijn waarvoor zorg gedragen moet worden. Bijna altijd neem ik waar dat mensen het krijgen van een kind ervaren als een heel bijzonder en kostbaar geschenk waar ze heel blij mee zijn. Dat de heer Schnabel, directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau (onafhankelijk?) nu ver voor de troepen uitloopt om voor het nieuwe kabinet de weg vrij te maken voor verdere uitbreiding van de gezinspolitiek begrijp ik niet. In mijn jarenlange werk als docent in het onderwijs heb ik ervaren dat financiële welstand niet een garantie is voor een betere opvoeding. Het voornemen van het nieuwe kabinet om te streven naar meer samenhang in ons land juich ik van harte toe. Als dit betekent dat meer geld rechtstreeks naar gezinnen gaat heeft dit kabinet mijn steun. Goed onderwijs, opvoedingsondersteuning waar nodig en eventueel wat extra financiële ondersteuning voor alleen de arme gezinnen lijken mij zinvol. Aan een bijzonder geschenk mogen naar mijn mening financiële consequenties zitten. Soms kan het, in het belang van het kind, zelfs beter zijn dat ouders zich enigszins beperken bij de opvoeding van kinderen tot weerbare volwassenen. Dit betekent naar mijn mening niet dat vrouwen niet zouden kunnen werken. We hebben in Nederland de neiging, om ondanks de gestegen welvaart, overal een probleem van te maken. Na de probleemgroep ouderen hebben we nu weer een nieuwe probleemgroep gezinnen gevonden. Het lijkt me zinvol dat het nieuwe kabinet nu eindelijk eens aandacht gaat schenken aan de twee en een halfmiljoen alleenstaanden. Ook deze grote groep mensen, waarvan de meeste niet voelen dat ze tot een probleemgroep behoren maar tot een vergetengroep, leveren een belangrijke bijdrage aan de samenhang waar dit nieuwe kabinet naar streeft. De Stichting Centrum voor Individu en Samenleving (CISA) die de belangen van alleenstaanden behartigt heeft daarom mijn sympathie.

Hoogachtend,

Mevr. G. H. Hulshof, docent.

Oegstgeest

 

 

 

*naar boven